Ik heb al veel termen voorbij horen komen die zo complimenteus mogelijk omschrijven dat we ergens slachtoffer van zijn. Termen die een tijd lang populair zijn en vaak, veel te vaak gebruikt worden.
‘Overlevers’ is er daar één van. “Ik ben geen slachtoffer, ik ben overlever.” Het klinkt stoer. Lekker ferm. Zo van: ha! Mij krijg je er niet onder! En ik hou wel van dat ferme. Maar, na de zoveelste ‘wij-zijn-overlevers’ quote, nonchalant gedropt op voorspelbare momenten, krijg ik een slap gevoel in mijn knieën. Willen mijn ogen naar boven rollen en ontsnapt mij een diepe zucht.
Omarmen, helen en helpen
Ik heb niets tegen het gebruik van het woord ‘overlever. Als je iets waar je bijna dood aan bent gegaan hebt overleeft, dan voel ik dankbaarheid omdat je er nog steeds bent. Maar als we de betekenis van het woord structureel gaan gebruiken om aan te duiden dat we een slachtoffer van iets anders zijn, dan word ik achterdochtig. Nog afgezien van de oneerlijkheid om zomaar woorden af te pakken van betekenissen zoals ze werkelijk bedoeld zijn want wat kunnen werkelijke overlevers dan voor woord gebruiken om aan te duiden wat zij meemaakten?
Mijn achterdocht gaat over slachtofferschap. Ik vind namelijk dat we ons slachtofferschap moeten omarmen zodat we kunnen helen. En als wij kunnen helen, dan kunnen we anderen helpen om ook te helen. Of we kunnen een brug zijn voor instanties. Bedrijven en organisaties helpen om beleid te ontwikkelen waardoor nieuwe slachtoffers voorkomen of geholpen worden.
Leegte verdragen
Slachtofferschap omarmen is voor mij: verantwoordelijkheid nemen om onze lasten te dragen. Voor onszelf te gaan zorgen. Van onszelf te gaan houden. Het is ons afkeren van blijven hangen in beschuldiging. Zacht en kwetsbaar in de wereld durven staan om de zwaarte van onze pijn, de leegte, te leren verdragen. En daar, wanneer we merken dat we die leegte verdragen….daar wortelt ons vermogen om de drek die ons overkomen is, te veranderen in waardevolle mest.
Want de kunde om van slachtoffer ervaringsdeskundige te worden gaat volgens mij over (zelf)compassie. Om nog even terug te komen op mijn achterdocht rondom het mis-gebruik van woorden om slachtofferschap aan te duiden: ik denk dat het gebruiken van bedekkende termen een afslag bieden om weg te lopen van onze verantwoordelijkheid: te helen. Want die verantwoordelijkheid, die hebben we – vind ik. Tenminste: als we onszelf deskundig noemen.
Want: hoeveel mensen roepen tegenwoordig: ik ben ervaringsdeskundig waar eigenlijk de juiste term zou moeten zijn: ik draag ervaring die me heel veel pijn heeft gedaan. Hoeveel mensen willen graag helen, maar doen dat niet omdat er simpelweg teveel voordeel kleeft aan het omzeilen van de reis naar binnen?
Wijs geworden
De reis naar binnen is moeilijk. Soms zo moeilijk dat we voelen: dit kan ik niet, niet alleen. Soms is ons zelfbeeld zo beschadigd door onze ervaring, zijn we ons zo intens bewust van die altijd aanwezige angst. Ga er maar aanstaan dan. Om stapje-voor-stapje het pad naar beneden te volgen. Te aanvaarden dat aan de korst van de wond wordt gepulkt. Terwijl je al zo moe bent van het vechten. Soms…..willen we dit allemaal niet. Niet meer.
Dan hoop ik, dat er een deskundige, een ervaringsdeskundige is die opmerkt wat je doormaakt. En naast je gaat staan.
Omdat hij of zij zelf ook dat pad naar beneden is afgelopen en begrijpt. Voelt. Weet dat je niet reddeloos verloren bent, maar aan het opkrabbelen waar het voor de buitenwereld lijkt alsof je wegglijdt. Een ervaringsdeskundige die je helpt om te omarmen wie jij bent:
Een slachtoffer. Wijs geworden door het leven. Sterk en deskundig geworden door levenservaring te omarmen.
Column door Xavière Heeremans